Nee. Of toch. Soms. Op specifieke momenten. Confronterend én waardevol tegelijk.

De vraag of ik hier alenig eenzaam zit te zijn, krijg ik regelmatig. Een interessante vraag. Mijn antwoord is altijd volmondig nee, je bent zo alleen als je zelf wilt. Sowieso kom je, helemaal als je langer op eenzelfde plek zit, geregeld dezelfde mensen tegen en draai ik mijn hand niet meer om voor het aanknopen van een gesprek in hostels, op straat, de sportschool, in de bus, het vliegtuig en een koffietent. Niet dat ik dat nooit spannend vind, dat hangt van de situatie, ofuhh.. de persoon, af. Wat eigenlijk direct grote bullshit is, want waar het werkelijk vanaf hangt, is je eigen innerlijke dialoog. Wat zal die persoon wel niet denken, is die vraag wel cultureel verantwoord, zonder oordeel, leg ik ergens niet teveel nadruk op, kan diegene het waarderen als ik het op deze manier zeg of vraag. ‘Alleen zijn’?!.. wat is dat? Altijd wel een interne stem die je gezelschap houdt;)

Alleen versus eenzaam

Alleen zijn, is simpel gezegd een situatie. Eenzaamheid is een emotie. Als je ‘eenzaamheid’ aan ‘alleen zijn’ koppelt, is de belangrijkste vraag die je jezelf te stellen hebt: Hoe oké ben ik eigenlijk om helemaal alleen met mezelf te zijn? Juist als je alleen bent, leer je over jezelf, je (gedachten)patronen of ontdek je wellicht een drang naar een specifieke afleiding. Bel je die vriend(in) omdat je diegene écht wilt spreken, grijp je naar je telefoon omdat je écht iets moet opzoeken of wil je eigenlijk een bepaalde pijn niet voelen. En waar staat die ‘pijn’ dan voor? Wat probeer je bij iets of een ander te halen wat je jezelf (nog) niet kan of wilt geven? In alle rauwheid alleen zijn met jezelf, laat je vaak kraakhelder zien wat je mist én wat je enorm waardeert, wat je vervolgens nog meer inzicht geeft in je verlangens en hetgeen je belangrijk vindt. Zodra je echter niet oké bent met ‘alleen zijn’, zul je eenzaamheid-gevoelens ervaren, een weerstand tegen dat ‘alleen zijn’. Want ja met jezelf zijn, betekent volledig dealen met je-zelf, je gedachten en alles wat er op dat moment is en niet is. En true, dat kan verdomde confronterend zijn.

Me, myself and I

Ik kan het inmiddels goed met mezelf vinden, maar dat is weleens anders geweest. Man wat heb ik me vroeger vaak eenzaam gevoeld, letterlijk in mijn uppie en ook wanneer er genoeg mensen om me heen waren. Wat me brengt bij het verband tussen ‘disconnectie’ en ‘eenzaamheid’. Eenzaamheid is een emotionele staat waarin je het gevoel hebt ‘er niet bij te horen’ of zogenaamd ‘niet verbonden’ te zijn met de mensen om je heen. Om het gevoel van connectie (verbondenheid) te ervaren, wil je gezien, gehoord en gewaardeerd worden als persoon, als mens. Wij mensen zijn nou eenmaal graag onderdeel ergens van.

Utrecht meets Medellín zondag 16:00.. uhh 9:00

Zo ben ik zelf, momenteel weliswaar op afstand, onderdeel van een heel leuk team en hadden we afgelopen zondag de eerste fysieke teammeeting in Utrecht. 16:00 uur. Im, lukt dat voor jou? Tuurlijk, techniek staat voor alles, daar zorgen we gewoon voor. En zo geschiedde dat ik met mijn hoofd op één van de telefoonschermen midden op tafel in het gezellige ‘Broei’ in Utrecht stond. Zij bijna aan de wijn, ik aan mijn eerste iced latte van de dag, ik bedoel zondagochtend 9:00 uur.. je weet zelf. Er wordt serieus vergaderd en verder vooral veel gelachen. Gevoelens van dankbaarheid “supertof om met deze meiden een team te vormen” maar ook een sterk gevoel van “damn daar had ik graag fysiek bij willen zijn” gingen er op dat moment door me heen. Precies dit, het ‘onderdeel van een community zijn’ komt de laatste tijd vaak in gesprekken aan bod. En keer op keer merk ik dat het wat met me doet, omdat ik het simpelweg graag meer in mijn leven wil integreren. In mijn huidige ‘alleen zijn’ “face” ik het bewustzijn hiervan, ik zwelg er niet in, verzet me er niet tegen, zie de situatie zoals deze nu is, visualiseer het gevoel alsof het er wel al is en deel dit vervolgens bij elke stap die ik zet en gesprekken die ik voer, doelbewust. Je weet immers nooit vooraf watvoor ideeën de ander daar over heeft en waar dat dan weer toe kan leiden.

Hoe oké ben jij met jezelf? En wat heb jij te “facen”?